Gent stript!


Op deze pagina bundelen we de auteurs die een link hebben met Gent. Klik op de naam van de auteur en u komt op de bijhorende info terecht.


 

Adriaenssens Ivan Petrus
Ivan (Petrus) Adriaenssens volgde de richting Kunst- en animatiefilm in het toenmalige 'KASK' te Gent (nu 'Hogeschool Gent').
Meteen volgde werk aan de langspeelfilm 'Taxandria' (1990, Raoul Servais), namelijk de inkleuring van de decors. Later stond hij in voor de tekst en tekeningen van theater- en TVshows van Els De Schepper. Kort daarop volgde het ontwerp van de begingeneriek van 'Dood doet leven' (1997, Canvas) en de storyboards/production design voor de 3D-animatiebedrijven Imagination in Motion en Movida-Trix, langspeelfilms 'Plop in de wolken' (2000) en het gelauwerde 'Science Fiction' (2001). Hij maakte ook een spannende sensibiliseringstrip over kraantjeswater voor AWW en Pidpa.
Voor 'Orphanimo!!', 'Boeboeks' en 'Getekend, Marc de Bel' schrijft hij de scenario's en schetst hij de layouts. Voor de reeks 'Boeboeks' komt daar ook nog decor en kleur bij. En in 2006 verscheen ook nog 'Don Quichote' in de reeks Classix (met Roger Meert).
Allemaal uitgaven van Standaard Uitgeverij.

(c)Standaard

zie ook http://www.ivanpetrus.com/ en http://www.orphanimo.be

 


Beauprez Vero

Vero's eerste strip, 'Billie sings the blues' werd in 1988 gepubliceerd. In 1991 publiceerde Jet Magazine (Lombard) haar tweede verhaal: 'Eclipse'.
Vanaf 1994 leverde ze vier jaar lang de bandstrip 'Tante Vero' in de jongerenbijlage DeMix van De Morgen. Sinds 1996 is ze aan de slag als fulltime tekenares. Haar werk omvat een breed spectrum aan illustraties, cartoons en strips in een uiteenlopend palet van stijlen, voor klanten gaande van kleine vzw's tot multinationals. Ze houdt van het werk van Alison Bechdel, M.K. Brown, Ana Juan, Risso en Loustal.
In 2007 verschijnt een eerste solo-album: 'Pottenkijken' met bandstrips en cartoons die o.a. zijn gepubliceerd in holebimagazine 'Zizo' en werden tentoongesteld op Strip Turnhout 2005.

Gepubliceerde strips en cartoons (o. a.):

- 'Billie sings the blues' in verzamelalbum 'Idolen' (Clumzy Club J, 1988)
- 'Eclipse' in Jet Magazine (Lombard, 1991)
- 'Tante Vero' in De Morgen (De Morgen, 1994 ­ 1998)
- 'Tante Vero' in Old Cake Comix (Oog & Blik, 1997)
- 'De Smaak van Aarde' in Piazza del' Arte Magazine (Gynaika, 1998)
- 'Net Njet' in Clickx Magazine (NUM, 1997 ­ 2001)
- 'Pottenkijken' in Zizo Magazine ( Holebifederatie, sinds 1998)
- 'I had a dream' in portfolio 'What's your Excuse' (Mekanik Strip, 2002)
- 'Pottenkijken', album (Boekhandel 't Verschil, 2007).

en verder illustraties voor kinder- en jeugdboeken, non-fictie, educatieve uitgaven, overheidscampagnes en theateraffiches.

Prijzen en andere:

- 1987: winnaar Clumzy-Club J-Striptrofee met 'Billie Sings the Blues'
- 1991: genomineerd FNAC / A Suivre Prijs met 'Jai Deux Amours'
- 2000: GILBERT VAN GEERTPRIJS voor spotprenten
- 2001: Nominatie RIEM + HONIG THEATERAFFICHEPRIJS (NL)
- 2002: WHAT'S YOUR EXCUSE? Mekanik Strip

Tentoonstellingen

- 1988: Strip Lanaken
- 1989: Stripfestival Koksyde
- 1991: Stripprijs Fnac/ A Suivre, Fnac Antwerpen
- 1996: Cartoons Freeks Weeksteek, Gent
- 1997: De Muren weten ervan, Patershol, Gent
- 1998: Tekenaars van DeMix, Mekanik Strip, Antwerpen
- 2000: Prijs Gilbert Van Geert, Geuzenhuis, Gent
- 2002: Combinaison, Fort Napoleon, Oostende
            What's your Excuse? Mekanik Strip Antwerpen
- 2003: What's your Excuse? Belgisch Centrum voor het Beeldverhaal, Brussel
            Weg van Brussel, CC De Passage, Sint-Niklaas
- 2004: Nacht van de Bibliotheek, Gent
- 2005: Holebi's in de Strip, Strip Turnhout

zie ook http://www.verobeauprez.be

Bron: Vero Beauprez
 


Boon Mario

Mario Boon deed zijn studies grafische vormgeving en Illustratie aan Sint-Lucas Gent waar hij les kreeg van o.a. Ferry en Gerda Dendooven. In het laatste jaar begon hij covers en illustraties voor DeMix, de beruchte jongerenkrant van De Morgen te tekenen. Daarna ging hij aan de slag in een reclamebureau. Het is toen dat hij zijn eerste strip publiceerde "De Wildwegen van de Rolleweg. Over de journalistieke periode van Guido Gezelle" voor Uitgeverij De Striep in Brugge. Ondertussen maakte hij tientallen illustraties voor de peuterbladen van uitgeverij De Eenhoorn, die ook zijn eerste prentenboek "de Kip van Huub" uitgaf.
In 2000 ging Mario als voltijds striptekenaar werken bij Studio 100 om er na twee jaar weg te gaan en de sprong in het duister als volledig zelfstandig tekenaar te wagen. Wat tot op heden uitstekend lukt.
Sinds 2004 is hij de tekenaar en scenarist van de stripreeks X!NK bij uitgeverij Mezzanine en scenarist van de Zornik-strip bij dezelfde uitgeverij. Ook heeft hij de draad van de prentenboeken weer opgepakt met vertaling in het Pools, Engels en Japans.
Hij is ook de bezieler van het in 2003 opgerichte online stripmagazine Pulp Deluxe waarvan in 2005 een eerste bundeling bij Uitgeverij Beedee verscheen.

Bibliografie kinderboeken:
• De kip van Huub, Mario Boon, De Eenhoorn, 2000, isbn 9076680027 (uitverkocht)
• Een grote plons, Pieter van Oudheusden en Mario Boon, De Eenhoorn, 2002, isbn 9058381498
• Beertje is gulzig, Mario Boon, De Eenhoorn, 2002, isbn 9058381692
• De doos van Beertje, Mario Boon, De Eenhoorn, 2002, isbn 9058381684
• Wie speelt met Vieze Jan, Mario Boon, Bakermat, 2002, isbn 9054613173
• Alles drie keer, Christina Guirlande en Mario Boon, Bakermat, 2003, isbn 9059243310
• Kiekeboe voertuigenboek, Mario Boon, ZuidNederlandse Uitgeverij, 2002, isbn 9044703358
• Vijf en vijf is 10, Mario Boon, Standaard Uitgeverij, 2004, isbn 9002217994
• Piratenconfituur, Luc Hanegreefs en Mario Boon, Standaard Uitgeverij, 2003, isbn 9002214898
• Papa speelt mee, Ed Avis en Mario Boon, ZuidNederlandse Uitgeverij, 2003, isbn 9044700294
• Wat zit er op zolder?, Pieter van Oudheusden, C4Ci, 2004, isbn 90 5561 346 0
• Wat zit er in de grot?, Pieter van Oudheusden, C4Ci, 2004, isbn 90 5561 345 2


Internationaal
• Mène l'enquete avec Max 003, la chasse au trésor, Son Tyberg en Mario Boon, ZuidNederlandse Uitgeverij, 2002, isbn 2803441357
• Fredek maluje, Mario Boon, Firma Ksiegarska Jacek i Krzysztof Olesiejuk, 2004, isbn 8374230789
• Fredek i deszcz, Mario Boon, Firma Ksiegarska Jacek i Krzysztof Olesiejuk, 2004, isbn 8374230797
• Hide and seek, Mario Boon, Hinkler Books, 2004, isbn 174121758X
• The Big Race, Mario Boon, Hinkler Books, 2004, isbn 1741217598
• Le Grand livre de papa, Gie van Roosbroeck, Mario Boon, Nel Kleverlaan, Cédric Gervy, Ellen Cornelis, CHANTECLER, 2005, isbn 2803443473

Prijzen/awards:
Kinder- en Jeugdjury Vlaanderen (2001) voor 'De kip van Huub'

Bibliografie strips:
• De wildewegen van de Rolleweg, Mario Boon, De Striep, 1999
• Mechtlo, Pieter van Oudheusden en Mario Boon, Comic Strips Mechelen, 2004
• X!NK 1, Mario Boon, Uitgeverij Dupuis, 2004, ISBN 90-6334-655-7
• X!NK 2No Las Vegas, Mario Boon, Uitgeverij Dupuis, 2005, ISBN 90-6334-669-7
• X!NK 3 Gabba Gabba Hey, Mario Boon, Mezzanine, 2005, ISBN 90-6334-682-4

Zie ook www.vlaamse-illustratoren.com en www.eenhoorn.be/
Bezoek ook eens de site van Pulp DeLuxe, http://blog.pulpdeluxe.be/ en http://marioboonblog.blogspot.com/


Bron: Mario Boon
 


 De Coninck Jeroen

Geboren te Gent op 3 februari 1956, als zoon van kunstschilder Jef De Coninck.
Hij volgde tekenles aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten te Dendermonde en studeerde grafiek aan het Hoger Instituut voor Grafisch Onderwijs te Gent.
Hij tekende onder andere een strip, “De ark van Noë” en illustraties voor kinderboeken en weekbladen. Hij publiceerde verschillende korte verhalen bij Standaard Uitgeverij en werkte mee aan het Nederlandse striptijdschrift "Yèch". Op verzoek van Bob De Moor tekende hij een verhaal voor “Jet”, een Europees tijdschrift voor jong talent (Le Lombard). Hij tekende een cartoon in het tijdschrift “De Nieuwe” (1985) en ontwierp een folder voor OVAM (“even kennis maken met het gezin Devlaming”).
Hij maakte affiches, o.a. voor Honky Tonk Jazzfestival,-club en -kroegentocht van Dendermonde en een poster voor de Ros Beiaard-ommegang (1990). In 1991 trad hij in dienst van Studio Peyo, waar hij voor het Smurfentijdschrift vele pagina’s spelletjes, omslagen, “Smurfenstreken” en korte verhalen tekent. Hij werkt mee aan de Smurfenalbums vanaf “Alles smurft vanzelf”.

Bibliografie:

1984 : stripalbum “De ark van Noë” (uitgeverij Jumbo Offset – ISBN 90 71110 02 08)
1984 : stripverhaal (3 pagina’s) “Heer Blooderick” naar een scenario van Caren Peeters in striptijdschrift Yèch (nr. 2)
1985 : stripverhaal (4 pagina’s) “Heer Blooderick” naar een scenario van Caren Peeters en Willem Ritstier in striptijdschrift Yèch (nr. 7)
1985 : stripverhaal (6 pagina’s) “Nik en Klaas : een abel spel” naar een scenario van Kris De Saeger in het Stripfeestboek (Standaard Uitgeverij – ISBN 9002 15336 8)
1986 : stripverhaal (6 pagina’s) “Nik en Klaas: Lijn 4” naar een scenario van Kris De Saeger in het Zee-zon-zandstripboek (Standaard Uitgeverij - ISBN 9002 154348)
1986-1987 : illustraties bij kortverhalen in het weekblad Libelle
1990 : illustraties “Spitstoren” (uitgeverij Plantyn - ISBN 90 301 5887)
1990 : stripverhaal (8 pagina’s) “Het staat in de sterren” in Jet, het eerste Europese tijdschrift voor jong talent (uitgeverij Le Lombard)
1991 : illustraties “De schat van de rommelmarkt” (uitgeverij De Sikkel – ISBN 90 260 4925 0)
1991 : illustraties “ De Pendel” (uitgeverij De Sikkel – ISBN 90 260 4949 8)
1994 : illustraties “Handleiding voor beenhouwer en vleeswarenbereider” (uitgeverij MIM ISBN 90 341 685 3)
1998 : illustraties “Het pensenboek” (continental Publishing – ISBN 90 5720 0619)

sinds 1994 :
verschillende gagplaten (1 pagina) (platen nr. 36 – 38- 42 – 43 – 44 – 45 – 46 – 47 – 48 – 49 - 50 – 53 – 54 – 55 – 56 – 57 – 58 – 59 – 60 – 68 – 7475 – 77 – 80 – 82 – 88 – 99 – 113 – 117 – 120 160 – 161 – 183 – 200), verschenen in Smurfenalbums “Smurfenstreken” nrs. 1 – 2 – 3 – 4 en 5, inclusief covers. (uitgeverij Le Lombard)


kortverhalen van 4 blz. in Smurfenmagazine :
- Le petit Schtroumpf de pain
- L’arbre creux
- L’anniversaire de Gargamel
- Un perroquet chez les Schtroumpfs
- Le Schtroumpfeur de ballons
- Le bébé de Gargamel
- Le chat infernal
- Les cousins des Schtroumpfs
- Le petit renard
- La pêche aux canards

2001: Olaf le petit viking (Collection Pirate, uitgeverij Dupuis - ISBN 2 8001 3190 X)
2001: Gargamel et le crocodile (Collection Pirate, uitgeverij Dupuis - ISBN 2 8001 3190 X)
2001: Super Schtroumpf (Collection Pirate, uitgeverij Dupuis – ISBN 2 8001 3191 8)
- Le dragon du vieux-vieux Schtroumpfs
2001: Super Schtroumpf contre super Gargamel (Collection Pirate, uitgeverij Dupuis - ISBN 2 8001 3214 0)

2001: La descente de la rivière Schtroumpf (Collection Pirate, uitgeverij Dupuis - ISBN 2 8001 3215 9)
- Un chien sachant chasser le Schtroumpf

kortverhalen van 8 blz. in Smurfenmagazine :
- Le Schtroumpf puant
2001: La chaine ardente (Collection Pirate, uitgeverij Dupuis - ISBN 2 8001 3215 9)


albums (uitgeverij Dragon D’or – Paris)
2004: Où se Schtroumpfe le Schtroumpf à lunettes ? (volledig, behalve pagina’s 22 en 23)
2005: Où se Schtroumpfe le Schtroumpf costaud ? (pagina’s 8 – 9 – 10 – 11 – 28 – 29)

2006: stripalbum De Smurfen nr 25 ‘Smurfensalade’ (samen met Ludo Borecki) (uitgeverij Le Lombard) ISDN 90-5581-599-3


 De Koninck Mario
Mario de Koninck, pseudoniem AAargh, geboren 4 januari 1977 te Aalst, België. Studeerde in het jaar 2000 af als licentiaat communicatiewetenschappen, waarna hij korte en voorlopige stappen zetten in de journalistiek. Het was hem toen al snel duidelijk dat hij toch van het tekenen zijn werk wilde maken. Daarom gaf hij zich zelf twee jaar om daarin te slagen en met succes.

Zijn eerste werk dat gepubliceerd werd was Henri deze werd gepubliceerd in de Vlaamse Metro-krant,dit is een strip die gaat over de relatie tussen mannen en vrouwen. Het tekenwerk begon pas echt goed te lopen toen hij zijn tekenstijl veranderde en Dienst Onbelangrijke Zaken voorstelde. Het Vlaamse weekblad Trends zag er meteen mogelijkheden in en begon een wekelijkse publicatie. Sindsdien tekent hij zijn Cartoons in dezelfde stijl (zelfde lijn- en kleurgebruik).

Mario tekent voor vaste opdrachtgevers als Jobat, Netwerk, TeVe-Blad en Bizz Nederland. Daarnaast maakt hij regelmatig cartoons voor Het Nieuwsblad. Naast tekenwerk is hij vaste schrijver voor het Canvas-programma De Rechtvaardige Rechters. Als improvisator maakt hij deel uit van De Nonsens Alliantie, kortweg DNA, een groep met heel veel optredens over heel Vlaanderen en te boeken ik via het Gentse 123 comedy club (www.123comedyclub)

Commercieel werk deed hij eerder voor PriceWaterhouseCoopers, Trends, ABVV-jongeren, Johan Van Biesen, KVLV, Groenidee, Alken-Maes, Dienst Stedenbeleid en Internationale Betrekkingen, Standaard Uitgeverij, 123 Comedy Club, SP.A en Insilencio.

Voor de fietsersbond is er ook een brochure in omloop waarvoor hij de illustraties gemaakt heeft. De brochure is gericht naar ouders en leerkrachten om kinderen voor te bereiden op het gebruik van de fiets in het verkeer. Zo leren ze spelenderwijs fietsen en de verkeersregels kennen.

Er zullen ooit wel bundelingen van komen, maar momenteel ligt dat niet meteen in het vuur. Hij neemt liever rustig de tijd om iets van goeie kwaliteit te bundelen.
Bibliografie (in eigen beheer):

2005:
- Dienst Onbelangrijke Zaken - 1 : Zwaar werk!

 De Poortere Pieter
Pieter de Poortere (°1976, Gent, België) studeerde illustratie aan de Sint-Lucas Hogeschool van Gent. In 2000 begint hij als freelance striptekenaar en publiceert in verschillende bladen, waaronder Humo. Zijn eerste album Boerke was een van de opvallendste debuutalbums van 2001. De jonge Vlaming gooide hoge ogen met de tekstloze strips in dit boek, waarvoor het Stripschap hem in 2002 de Stripschapspenning voor het beste nederlandstalige album toekende. De combinatie van soms harde grappen met een onschuldige tekenstijl vormt een duidelijk eigen handschrift.

In 2003 verscheen de comic De zichtbare man en andere verhalen, een bundeling gags die eerder in Humo verschenen waren. Later dat jaar volgde het tweede album van Boerke. Een selectie hieruit werd in de zomer van 2004 gepubliceerd in de literaire bijlage van de Franse krant Le Monde.
In 2004 verscheen de comic KAK, een boek met tekeningen uit de gelijknamige striptheatervoorstelling, die in 2003 op een groot aantal humorfestivals in België en Nederland te zien was..

Pieter De Poortere is ook verbonden aan het Gentse museum Huis van Alijn.
Nadat hij er in 2003 een tentoonstelling had heeft hij er onder de noemer van vzw Rijms de volledige kinderwerking uitgebouwd rond het stripfiguur Hendrik, het spook van Alijn. In januari 2006 kwam de eerste geïllustreerde kindercatalogus van het museum uit.

In februari 2006 verscheen het derde deel van Boerke.

Website: www.boerke.be

Gepubliceerde strips
- Boerke #1(september 2001) Uitgeverij Bries / Dickie #1 (september 2001) Uitgeverij Bries
- De Zichtbare Man en andere verhalen (februari 2003) Uitgeverij Bries
- Boerke #2 (december 2003) Uitgeverij Bries / Dickie #2 (april 2004) Uitgeverij Bries
- KAK (november 2004) Uitgeverij Bries
- Boerke #3 (februari 2006) Uitgeverij Bries
aangekondigd voor 2006:
- Dickie #3” (2005) Uitgeverij Les Requins Marteaux (F)
- Joe de Eskimo #1 (februari 2007) Uitgeverij Bries

Verzamelwerken
- De Stad (2001) Stripwinkel Mekanik
- Hic Sunt Leones (2004) Uitgeverij Bries
- Defensie gestript (2005)

andere boeken
- Het huis van Hendrik: kindercatalogus het Huis van Alijn

Kijk ook eens op:
- www.gent.blogt.be voor een stukje over hendrik, het spook van alijn
- http://stripel.web-log.nl/ staat een kort interview met Pieter De Poortere


 Gisquière Stijn

Stijn Gisquière is geboren op 14 augustus 1975 in Gent. Hij behaalt zijn kandidatuur in de architectuur aan de Hogeschool Sint-Lucas Gent. Daarna kiest hij voor de opleiding Grafische- en Reclamevormgeving aan Sint Lukas in Brussel en specialiseert hij zich tijdens de meesterjaren in Beeldverhaal en Multimedia.

In de periode na de studies neemt het beeldverhaal een speciale plaats in met bijdragen voor de striptijdschriften 'INK' en 'Zone 5300'. Een bundeling van kortverhalen verschijnt in het voorjaar van 2003 en 2005 onder de titel 'Paradijs op Aarde'. Fragmenten hieruit zijn tentoongesteld in het Belgisch Centrum voor Beeldverhaal, in diverse culturele centra in Vlaanderen en op enkele buitenlandse festivals.

Het is vanaf september 2003 dat Stijn zich ook beroepshalve met striptekenen bezighoudt: als lesgever binnen de kersverse opleiding Beeldverhaal in de hogere graad van de Academie voor Beeldende kunsten (deeltijds kunstonderwijs) in Gent, en als illustrator en cartoonist voor diverse opdrachtgevers.

• Eigen site: www.users.skynet.be/stijn.gisquiere
• Opleiding striptekenen: www.academiegent.be

Bibliografie (alle strips verschenen bij Oogachtend):

2003 :
- Paradijs op aarde-1
2005:
- Paradijs op aarde-2


Houtman Tom
Tom Houtman zag het levenslicht op 26 november 1977 in Dendermonde. Hij behaalde in 2000 het diploma Beeldende Kunst aan de K.AS.K. (Akademie te Gent).  In 2003 studeerde hij af aan het Sint-Lucas te Gent met een diploma Striptekenen.

Een kort overzicht van zijn belangrijkste verwezelijkingen:
- 1998: zwart/wit album Ducktroux
- 2000: illustrator en cartoonist voor de verkiezingen te Wetteren en Roeselare
- 2002: cartoonist voor de Gentse Lijn
Tussen 2001 en 2003 gaf hij workshops striptekenen, cartoontekenen en digitale inkleuring van illustraties.
- 2003: het album 'Metamorfose' wordt afgewerkt voor school (dat staat nu in afleveringen te bekijken op zijn site)
- 2004: cartoonist voor de het project 'Levenslang Leren' in de stad Aalst.

Bron: Tom Houtman

zie ook http://users.telenet.be/komboloisite

 


 

Janssen Jeroen
Jeroen Janssen werd geboren in Gent op 18 oktober 1963. Reeds vanaf de kleuterschool was het voor iedereen duidelijk dat hij voor weinig anders geschikt was dan voor tekenen.
Hij studeerde Vrije Grafiek aan het St-Lukasinstituut te Gent.
Pas in de jaren '90 strips begint hij te tekenen. Toen hij van 1990 tot '94 in Rwanda werkte, in een kunstschool, begon hij waargebeurde verhalen en autobiografische flarden om te zetten in striptekeningen.
Voor zijn debuut "Muzungu-Sluipend Gif (1997) viel hij in 1998 in de prijzen op het stripfestival van Haarlem.
 

Bibliografie:

- Muzungu-Sluipend Gif (1997, uitg. Wonderland)
- Een nachtegaal in de stad (2000, Uitg. Wonderland, scen. Pieter van Oudheusden)
- Klaarlichte nacht (2001, Uitg. Wonderland, scen. Pieter van Oudheusden)
        Deze strip bevat de 'Rue des Anges', geïnspireerd op het "glazen straatje" (ook in Zone5300 verschenen).
- Bakame (2003, uitg. Oogachtend, scen. Pieter van Oudheusden)
- Imigani (2004, uitg. Muzungu, kalligrafie Els Schneiders)
- Korte strips verschenen eveneens in Beeldstorm, Ink, Stripburger, Zone 5300, Incognito en Kerozene.

zie ook www.bakame.be


 Lectrr
Lectrr is de artiestennaam van Steven Degryse (°1979, Roeselare, België), een cartoonist, columnist én striptekenaar.
Lectrr studeerde grafische vormgeving aan Hogeschool Gent, departement Academie en maakte een afstudeerproject rond cartoons. Nog tijdens z'n
studies publiceerde hij al, voornamelijk op het internet. Internet en andere nieuwe media zijn een belangrijk deel van zijn publicatiemogelijkheden, en Lectrr is dan ook een van de eerste nederlandstalige webcomicartiesten die dagelijks een cartoon online zet.
Sinds 2005 experimenteert hij met de mogelijkheden van strips en cartoons op mobiele telefoons en andere draagbare apparaten.

De jonge Vlamings populariteit groeide explosief dankzij het net, en al snel kon hij ook op papier publiceren in oa. Ink, Myx en Zone 5300.
Sinds 2001 is Lectrr professioneel cartoonist, oa voor Algemeen Dagblad (NL), Maxim, Menzo, P-Magazine, Veronica Magazine (NL), KLM, en vele anderen. Sinds 2003 is hij de vaste cartoonist van het gratis gentse stadsmagazine Zone 09. Voor Zone 09 maakte hij o.a. strips samen met Luc de Vos, bekend van Gorki.

Naast tekenen schrijft hij ook columns. Voor CJP Nederland schreef hij een tijdlang korte verhaaltjes, en op de Gentse stadsradio Urgent.fm las hij columns voor. Als standup comedian trad hij samen met Hanco Kolk, Peter de Wit, Kees de Boer en Jeroen de Leijer op in twee eindejaarsshows (toepasselijk 'cartoonferences' gedoopt) die doorheen Nederland trokken.

Sinds 2004 publiceert hij ook in het Frans, Engels, Duits en Turks.

Website: www.lectrr.be, www.lectrr.fr en www.lectrr.com
Bibliografie:
• Wormtroopers, uitg. Incognito, 2002
• Hara Kiwi-1, (uitg. Silvester), 2005
• Hara Kiwi-2, (uitg. Silvester), te verschijnen in 2006

 Leemans Hec
Hec Leemans werd geboren te Temse, op 28 januari 1950.

Van op een jonge leeftijd was hij al actief bezig met strips. Vanaf z'n tiende werkte hij reeds zijn ideeën uit en tekende in alle mogelijke stijlen. Dit resulteerde niet in afgewerkte stripalbums, maar dit kwam zijn tekenkunde ten goede. Het potlood had steeds minder geheimen voor hem en hij legde hier de basis om de ervaren tekenaar te worden die hij vandaag is.

Zijn grafische opleiding kreeg hij aan de Dendermondse Academie voor Schone Kunsten. Dit was de plaats waar hij Sylvain Polfliet leerde kennen. Polfliet liep met ideeën rond om een strip te maken, hij kreeg hem echter niet afgewerkt. Samen met Hec Leemans, die hem hielp met scenario en decors, kon hij zijn gedachten vorm geven in de spionageverhalen Brian Howell. Hun wegen zijn later gescheiden en Hec Leemans is in tegenstelling tot Sylvain Polfliet de professionele weg ingeslagen.

Tijdens zijn legerdienst in Lüdenscheid kreeg hij de kans om een werk van Merho voort te zetten. Hij kwam Merho vervangen op de OSC-dienst van het leger en maakte zo kennis met hem. De strip die hij daar verzorgde verscheen in een legerblad. Het was een verhaal over een soldaat: Soldaat Jansens.

Vanaf 1969 was Hec Leemans bezig met een eigen, nieuw idee. Hij maakte een aantal gagplaten rond Circus Maximus. Deze serie verscheen eerst in het Nederlandse stripblad Eppo (1977), later ook nog in Robbedoes (1984).

Het grootste succes kwam er bij het ontstaan van Bakelandt. Bakelandt is tot stand gekomen door samenwerking met scenarist Daniël Jansens. Op 20 oktober 1975 startte de reeks in Het Laatste Nieuws en De Nieuwe Gazet. Na het overlijden van Daniël Jansens zette Hec Leemans de reeks alleen voort. Hij nam zowel het scenario als het tekenen voor zijn rekening.

Hec Leemans wou zich niet beperken tot de reeks Bakelandt alleen. In 1990 startte hij dan ook 2 nieuwe reeksen. Dit waren de strip Nino, getekend door Dirk Stallaert en de strip Kowalsky.

Er kwam alweer vernieuwing in 1997. Hec Leemans maakte een stripreeks met de figuren van de TV1-reeks De Kampioenen. Doordat hij met deze strip een grotere groep mensen aansprak, bleef het succes niet uit.

Marcus Hoogveld
Marcus Hoogveld (° Maastricht, 23 oktober 1961) kwam al heel snel in Gent terecht, waar hij de kunsthumaniora doorliep van Sint-Lucas. Daarna specialiseerde hij zich in de richting publi-foto. Na zijn studies werkte hij ruim drie jaar in Scritto, een grafisch ontwerpbureau. Daarna gooide hij het roer om en kwam hij in de tekenfilm-branche terecht.

Als lay-outtekenaar voor de langspeler Taxandria van Raoul Servais stond het voor hem vast dat hij verder in die richting wilde. Samen met Ivan Adriaenssens, die hij leerde kennen tijdens de Taxandria-periode en Matthias de Clerck maakte hij "Geen kraantjes water drinken kan ernstige gevolgen hebben", een commerciële strip met de Antwerpse watermaatschappij als klant. Hetzelfde team versterkt met David Bols werkte vervolgens aan de eerste 14-tal testpagina's van een sciencefiction-strip op scenario van Ivan Adriaenssens, geheten Lunatechs, tot dusver
zonder verder resultaat.

Naast de vernoemde strips is hij nog steeds aan de slag, voornamelijk in de tekenfilmsector, als set-designer, lay-outer en
workbooker. Zo werkte hij mee aan films zoals Taxandria, Werner 2,3 en 4, Tijl uilenspiegel, Laura's ster en Kleine ijsbeer 2

Daarnaast baat hij samen met zijn vrouw een bed and breakfast uit.

Bibliografie:

• 1991: Biebel-16 Mafkees (assistent van Ikke; Standaard Uitgeverij)
• 1993: Sam-4 Pruimentijd (i.s.m. Marc Legendre (Ikke) en Jan Bosschaert; Standaard Uitgeverij)
• 1994: Parispolis-1 (i.s.m. Ronny Matton, Dirk Nuyts, Mark Horemans en Marie-Anne Verougstraete; uitg. Talent)
 

 

Meynen Erik
Erik Meynen (°Kapellen, 18 december 1957) is het laatste decennium vooral bekend als politiek tekenaar. Zijn tekeningen verschijnen ondermeer in "P-Magazine" en in "Het Laatste Nieuws". In 1999 kreeg hij de Bronzen Adhemar voor zijn boek "De Jaren van Dehaene".
Op 1 oktober 2003 verscheen dan "De Plannen van Verhofstadt".
Sinds 2002 werkt hij geregeld samen met Dirk Stallaert. Voor Unizo maakten ze de kortverhalen "De Mysterieuze Klant" en "De Neuzen van Sniezo".
In De Standaard publiceerden ze "De Laatste Friet", een detectiveverhaal in 16 afleveringen.
Leuk detail: Erik Meynen tekende als student de decors voor Kiekeboe in Carré (Kiekeboe-album 6) en was dus Dirk Stallaert voor als 'medewerker' van Merho.

Bron: www.dirkstallaert.be/ en Erik Meynen

Bibliografie


HET BEGIN

1977-1981 Opleiding Animatiefilm Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (KASK) Gent
1978 Medewerking bij Merho
Decors van album: Kiekeboe in Carré
1979 Debuut in Knack (cartoons en fotostrips)

met PJOTR, MEYNEN als scenarist
1980 Pietje, Magnum Reeks (De Dageraad)
1982 De Terugkeer van Roxane (Magic Strip)
1983 Tommy Gun & Marion Lee (Magic Strip)

met KAMAGURKA, MEYNEN als tekenaar
1987 Strips in Lava 1, 2, 3 en 4 (Uitgeverij Loempia)

met HERMAN BRUSSELMANS, MEYNEN als tekenaar
1988-1991 Inspecteur Bob lost het bijna op
(ongeveer 100 afleveringen in Panorama/De Post, geen album)
1988 Een bos op zoek naar bomen (Strip voor Bond Beter Leefmilieu)

met JEAN-PIERRE VAN ROSSEM, MEYNEN als tekenaar en co-scenarist
1991 De Poenpakker (uitgeverij Loempia)
1992 De Schat van de Arme Klavers (uitgeverij Loempia)

met DIRK STALLAERT, MEYNEN als scenarist
2002 De Mysterieuze Klant (Kort verhaal voor Unizo)
2003 De Neuzen van Sniezo (Dag van de Klant strip voor Unizo)
De Laatste Friet (in België Blootgelegd, uitgeverij Van Halewyck)

SOLO

• 1990-1997 Politieke strips in De Nieuwe Panorama
• 1993-1995 Politieke cartoons in De Morgen
• vanaf 1997 Politieke strips in P-magazine
• 1996-2000 Politieke cartoons in Het Laatste Nieuws
• 1999 De Jaren van Dehaene (Icarus, De Standaard Uitgeverij)
    De Jaren van Dehaene krijgt in 1999 de Bronzen Adhemar (de belangrijkste Vlaamse stripprijs)
• 2001-2005 Politieke strips in Fedra, het maandblad van de federale ambtenaren
• vanaf 2003 Politieke strips in Het Laatste Nieuws
• 2003 De Plannen van Verhofstadt (The House of Books)
• 2004-2005 Politieke tekenfilmpjes voor het Canvas-programma Villa Politica
• 2006 Paniek in de politiek (The House of Books)


Klik hier voor een bespreking van De Plannen van Verhofstadt op www.geschiedenis.nl

 

 

Sleen Marc
Marc Sleen werd als Marcel Honoree Nestor Neels geboren in Gentbrugge op 30 december 1922. Hij kwam uit een gegoede familie, maar kende een bewogen jeugd. Marc volgde een tekenopleiding aan het Sint-Lucasinstituut in Gent. In 1944 kwam hij in dienst bij de krant De Standaard als politieke karikaturist.
Na een tijdje begon hij te experimenteren met het stripverhaal. Zijn eerste strip was de stopcomic De avonturen van Neus. Op 10 juni 1945 startte De avonturen van Tom en Tony in Ons Volkske. Tom en Tony zijn twee jongens die dromen van verre reizen. Na twee verhalen nemen Stropke en Flopke de fakkel over. Stropke en Flopke verschillen nauwelijks van Tom en Tony. Zij houden het uit tot 1952. Sleen waagde zich ondertussen ook aan pantomimestrips, gagstrips zonder woorden. De reeks Pollopof startte in 1946. In 1950 maakt Sleen nog een pantomimestrip: Joke-Poke. In 1950 ontwierp Sleen ook Doris Dobbel voor een middenstandsblad. Doris Dobbel liep nog tot 1967.
Tussen 1952 en 1965 maakte Sleen de strip Oktaaf Keunink. Oktaaf is een doodbrave man, week als boter, die volledig gedomineerd wordt door zijn vrouw. Van Oktaaf Keunink verschenen ongeveer 600 grappen en vijf albums. De lustige kapoentjes is één van de populairste stripreeksen in Vlaanderen geweest. Deze reeks bedacht Sleen niet zelf, maar van 1950 tot 1965 verzorgde hij met veel succes de wekelijkse afleveringen. De deugnietenstreken van een groepje jonge kinderen zijn het onderwerp van de gags. De lustige kapoentjes was ook duidelijk op een jong publiek gericht. Er verschenen tien albums bij Het Volk.
Ook erg populair was Piet Fluwijn en Bolleke. Deze kinderstrip bouwde Sleen op rond een eenvoudige vader-zoonrelatie, waarbij de goedzakkige vader dikwijls moet boeten voor de schelmenstreken van zijn zoon. Van 1945 tot 1965 verzorgde Sleen deze reeks. Tussen 1957 en 1965 verschenen tien albums.
Sleens bekendste creatie is vanzelfsprekend De avonturen van Nero en co. Toen Sleen in 1947 met de reeks startte in De Nieuwe Gids, heette het hoofdpersonage Van Zwam. Nero kwam al voor in het eerste verhaal, Het geheim van Matsuoka, maar had maar een kleine rol. Na drie verhalen nam Nero de fakkel over van Van Zwam en sindsdien produceerde Sleen al meer dan 200 Nero-verhalen. Het 200ste verhaal De blauwe broertjes verscheen op 5 mei 1999. Sleen staat erom bekend dat hij in Nero een enorme hoeveelheid originele personages heeft gecreëerd. De hoofdpersonages getuigen van Sleens buitengewone fantasie en mensenkennis.
Marc Sleen staat in het Guinness Book of Records, omdat hij meer dan 200 verhalen van Nero bijna helemaal alleen maakte. Sinds 1992 (vanaf album 122: "Barbarijse vijgen") leidt hij Dirk Stallaert op om De avonturen van Nero en co. voort te zetten. Sleen is erg tevreden over de inbreng van Stallaert. Hij blijft zelf natuurlijk nog intensief bezig met Nero. Marc Sleen en Dirk Stallaert blijven samenwerken tot en met het laatste album (Zilveren tranen) eind 2002.
Sleen kreeg voor zijn stripwerk een groot aantal onderscheidingen. Voor Het Lachvirus ontving hij in 1974 de Prix Saint-Michel. In 1993 kreeg Sleen een buitengewone Stripgidsprijs als waardering voor zijn hele stripcarrière: een Gouden Adhemar. In 1995 ontving hij vanwege de Belgische kamer van stripexperten de prijs voor het beste stripverhaal van 1994 voor zijn How-trilogie. In augustus 1998 werd Marc Sleen door koning Albert II in de adelstand verheven. In de loop van 1999 is hij door de koning tot ridder geslagen.
Sleen is ook bekend als Afrika-kenner. Hij ging ontelbare keren op safari. In Afrika kon hij zijn grote passie voor de natuur, en speciaal voor de olifant, uitleven. Hij schreef een aantal safari-boeken. Daarnaast maakte hij documentaires voor het tv-programma Allemaal beestjes. Sinds 1984 is hij beheerder van het Wereldnatuurfonds in België.

Bron: (c) Standaard en website Dirk Stallaert

zie ook www.dirkstallaert.be/marcsleen.php

Enkele albums van Nero die zich afspelen in Gent:



 

Verhaegen Marc
Marc Verhaegen werd geboren op 5 april te Mortsel bij Antwerpen. Vanaf 10-jarige leeftijd volgde hij in zijn vrije tijd, naast de reguliere school, tekenschool in de academie van Kontich. Hij illustreerde het scoutsblad Condacum gedurende een zestal jaar. Het Sint Stanislascollege, waar hij de Latijns-Wiskundige afdeling volgde, bracht ook een blad uit: Stani. Ook hier illustreerde Marc de diverse artikelen gedurende zo'n vijftal jaren. Na beëindiging van zijn studies in het college, maakte hij de overstap naar de grafische afdeling van het Sint Lucasinstituut in Brussel (Schaarbeek). Naast de klassieke grafische opleiding volgde hij er animatiefilm, een tak die zijn grootste aandacht genoot. Dat weerhield hem er niet van om in zijn vrije uren strips te blijven maken. De Ongewenste is daar zo'n voorbeeld van. Het is een verhaal van 40 bladzijden dat in Condacum verschenen is. Op school begon hij ook met het verhaal van Cycloman en Op zoek naar Spurkmans. In 1978 studeerde hij af en vond meteen werk bij Pen Film in Gent. Hij werkte er mee aan de Wonderwinkel, een tekenfilm feuilleton naar ontwerp van Gommaar Timmermans. Er volgden nog opdrachten voor het Belgisch Animatiefilm Centrum. In 1981 waagde hij zich aan een reeks undergroundstrips, in de traditie van Willem, Robert Crump en Wolinski en in 1983 werkte hij mee aan de langspeel-tekenfilm Jan Zonder Vrees, onder leiding van Jef Cassiers. In hetzelfde jaar verschijnt het hele Cycloman-verhaal in de krant, De Morgen en oogst veel bijval. Marc Verhaegen doet ook een reeks reclameopdrachten en werkt intussen weer een strip af: Lottoman. Deze is echter niet gepubliceerd geweest. In 1985 begint Pen Film met een nieuwe opdracht voor France Animation in Parijs: Les mondes englouties. Marc Verhaegen werkt aan het project mee, naast opdrachten voor het Antwerpse Filmfestival, de Bananasplitshow, Artic enz.
In 1987 gaat Marc voor de Standaard Uitgeverij aan de stripreeks Boes werken, op scenario van Marc Meul. In die periode lopen er ook een reeks reclameopdrachten binnen waaronder een reclamestrip voor Suske & Wiske. Deze wordt opgemerkt door Paul Geerts en Willy Vandersteen en in het najaar van 1988 vraagt Paul Geerts aan Marc Verhaegen om mee te werken aan de Suske & Wiske-reeks. Enthousiast gaat Marc Verhaegen op dit voorstel in en inmiddels werkt hij al meer dan 12 jaar bij Studio Vandersteen. In juni 2002 geeft Paul Geerts ook de symbolische fakkel door aan Marc Verhaegen. Dat wil zeggen dat Marc nu instaat voor zowel het scenario als de tekeningen van de komende Suske en Wiske-avonturen. Na Willy Vandersteen en Paul Geerts mag ook Marc Verhaegen zich tekenaar van Suske en Wiske noemen. Op 25 februari 2005 kwam hier abrupt een einde aan.

Kidsweek, een krant voor kinderen, wilde iets speciaals doen in verband met de viering van 60 jaar bevrijding in Nederland. Dankzij een tip van Jean-Marc van Tol, tekenaar van Fokke en Sukke, kwamen ze in contact met Marc. Marc vindt dat de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog bekend moet blijven bij jongeren en een strip is een goede manier om dit aan jongeren te vertellen. Hieruit werd de stripreeks Senne en Sanne geboren en het eerste avontuur Rebecca R. bedacht. Op 6 mei 2005 kwamen de eerste twee bladzijden van Rebecca. R. in voorpublicatie in Kidsweek. De rest van het verhaal verscheen in 4 delen in Kidsweek, namelijk op 3 juni, 15 juli, 26 augustus en 23 september 2005. Dit eerste Senne en Sanne avontuur verscheen op 7 december in een album bij uitgeverij Mezzanine.

Bron: (c) Standaard en website Senne en Sanne

zie ook http://www.senneensanne.com/

Van den Heuvel Fritz

Fritz Van den Heuvel (echte naam: Joris Vermassen) heeft zijn pseudoniem te danken aan Frits van den Berghe (1887-1939), de illustere schilder en voorloper van de Vlaamse strip. Het toeval wou dat hij van 1987 tot 1990, bij het begin van zijn carrière, in het huis woonde waar Frits van den Berghes carrière (en leven) eindigde. Geloven doet hij niet in lotsbestemmingen en dat soort onzin, maar het leverde hem wel zijn artiestennaam op. Van den Daele leek hem wat te bescheiden, en Van den Everest te hoog gegrepen, dus werd het Van den Heuvel. De "z" in Fritz is gewoon een aardigheidje.

"Er loopt ook nog een andere lijn van van den Berghe naar mij, via Marc Sleen. Als kind was ik gek op het werk van Sleen. Ik knipte de Nero-verhalen uit de krant en maakte er een album van, met een zelf verzonnen covertekening. De jonge Sleen was op zijn beurt in de ban van van den Berghe. Zijn eerste tekeningen waren beïnvloed door de illustraties die van den Berghe voor het dagblad Vooruit tekende. Sleen ontmoette van den berghe in 1937, op 17-jarige leeftijd. "(...) Ik liep dan al Sint-Lucas in Gent en minstens een keer per week ging ik naar de expositiezalen. (...) Er was ook een klein expositiezaaltje (...) waar ik Frits van den Berghe gezien heb. Er hingen daar ook een paar werken van hem en dat heeft een enorme indruk op mij gemaakt. (...) Het greep me werkelijk naar de keel en dat ben ik nooit vergeten. Ik heb een klein gesprek met hem gehad. (...) En daar heeft hij me op een nogal vaderlijke, maar ook vriendschappelijke toon, een en ander verteld. Ik vond dat zo geweldig dat ik dat nog altijd blijf verderdragen in mijn memorie. Dat is een zeer mooi ogenblik in mijn leven geweest."
(uit Frits van den Berghe en Richard Minne, Stripverhalen 1931-1935, een uitgave van Gemeentekrediet en Snoeck-Ducaju & Zoon, 1996)

"In 1983 zag ik als jonge snaak in het museum voor Schone Kunsten in Gent voor het eerst het werk van Frits van den Berghe, en net zoals Marc Sleen was ook ik behoorlijk onder de indruk. Toen ik in 1987 de kans kreeg om het van den Berghe-huis te huren (in de Katelijnestraat 12 te Gent) heb ik geen moment geaarzeld. Zijn dochter had er tot dan gewoond en haar vaders geest hing nog in het verkommerde huis. Pas later zijn me meer parallellen opgevallen: net als ik kon van den Berghe zich moeilijk vasthouden aan één stijl. Het experimenteerde graag, wat hem (tijdens zijn leven) commercieel weinig succes opleverde. Noodgedwongen eindigde hij zijn carrière als illustrator bij de krant De Vooruit. Ik ambieer het omgekeerde: beginnen als illustrator en eindigen als schilder. En nog leuk om weten: zestig jaar na van den Berghe publiceerde ook ik in het legendarische weekblad De Groene Amsterdammer (met Het Valse Kunstgebit, in 1995)."

Bibliografie:
- De verdwenen stembanden (1989, uitg. Dedalus)
- Het valse kunstgebit (1990, uitg. De Schaar)
- Operatie vrouwenhart (1991, uitg. De Schaar)
- De kriminele coverdief (1992, uitg. De Schaar)
- Het laatste einde (1993, uitg. De Schaar)
- De vermaledijde daders (1995, uitg. De Schaar)
- De extravagante exploten (2001, Hogeschool Gent)
- De Bamburgers (2006, Silvester - tek. Simon Spruyt)

Bron: http://www.fritz.be/
 


 

Vincent Luc
Zoals zijn broer Michaël en collega Ivan Adriaenssens (beiden Orphanimo!!-auteurs), volgde hij de richting Kunst- en animatiefilm in de toemalige 'KASK' te Gent (nu 'Hogeschool Gent'). Voordien volgde hij (eveneens met Michaël) de richting 'grafische vormgeving' aan het 'HIGRO' (nu 'VISO') te Gent-Mariakerke.
Na z'n studies aan de 'KASK' ging hij werken als decorist voor de langspeelfilm 'Taxandria' (1990, Raoul Servais). Daarna volgden enkele jobs voor animatiefilmreeksen (zoals 'Iznogood') en een pilootfilm voor een eigen reeks 'A Spider's Quest' (ongeproduceerd). Toen ontstond, in het verwrongen brein van Ivan, Michaël en ikzelf het prille idee en de grondlegging voor de reeks 'Orphanimo!!'.
Daarna heeft Luc 6 jaar de boeg volledig omgegooid en is hij websites gaan ontwerpen voor een bedrijf in Berchem en een ander in Gent. Terwijl de beeldverhalen-muze hem onophoudelijk kwam verleiden tijdens het webdesignen, kwamen Ivan en Michaël met een voorstel op de proppen om van Orphanimo!! een stripreeks te maken voor de Standaard Uitgeverij. Omdat z'n contract bij het laatste webdesign-bedrijf net ten einde liep gleed hij a.h.w. vlotjes de stripwereld binnen... En hij blijft er momenteel nog steeds plakken!

Bron: Luc Vincent
Zie ook www.orphanimo.be/site_luc
Bibliografie (alle strips verschenen bij Standaard Uitgeverij):


2002 :
- Orphanimo!!-1 Inpakken en weg wezen
2003 :
- Orphanimo!!-2 Oost west kluit best
- Orphanimo!!-3 Het witte album
2004 :
- Orphanimo!!-4 Te land ter zee en in de vlucht
- Orphanimo!!-5 Steen op steen, plank op plank
2005 :
- Orphanimo!!-6 Bye bye kluit
- Orphanimo!! 7 De wezen van de wind
2006 :
- Orphanimo!!-8 De zoon van Vallalkozo
- Orphanimo!!-9 Banzai potvis !

 

Vincent Michaël
Michael Vincent studeerde af, net als zijn broer Luc Vincent en Ivan Adriaenssens, aan het KASK (Koninklijke Academie voor Schone Kunsten) te Gent als Animatiefilmer. Hij werkte na zijn studies onder meer als decorist bij de VZW Tattoon en als grafisch vormgever en animator bij MCS. Bij Virtual Images werkte hij mee aan diverse langspeelfilms, kroop hij bij Alpha Design in de rol van art director en was hij product designer bij Columbine BVBA. Sinds 1998 werkt Michael part time als free-lancer (sinds 2002 is dat zelfs voltijds), waarbij hij een deel van zijn kostbare tijd spendeert aan de Orphanimo!!- en Boeboeks-strips.

(c)Standaard
Bibliografie (alle strips verschenen bij Standaard Uitgeverij):


2001 :
- Boeboeks-1 Piepel ziek
- Boeboeks-2 Acht ogen acht poten
2002 :
- Boeboeks-3 Vliegkriebels
- Boeboeks-4 De Blauwe droom
- Orphanimo!!-1 Inpakken en weg wezen
2003 :
- Boeboeks-5 Kuif en de knagers
- Boeboeks-6 Taurik
- Orphanimo!!-2 Oost west kluit best
- Orphanimo!!-3 Het witte album
2004 :
- Boeboeks-7 Taaie els
- Boeboeks-8 Straffe wiet
- Orphanimo!!-4 Te land ter zee en in de vlucht
- Orphanimo!!-5 Steen op steen, plank op plank
2005 :
- Boeboeks-9 Het kriebelbellenkanon
- Boeboeks-10 Generaal Kroets
- Orphanimo!!-6 Bye bye kluit
- Orphanimo!! 7 De wezen van de wind
- Freddi Fish-1 Boek is zoek (kinderboek; uitg. Standaard uitgeverij)
- Freddi Fish-2 Meester zeester in nood (kinderboek; uitg. Standaard uitgeverij)
2006 :
- Boeboeks-11 Obus de vuurgeest
- Boeboeks-12 Hebbert Wezel
- Orphanimo!!-8 De zoon van Vallalkozo
- Orphanimo!!-9 Banzai potvis !
- Freddi Fish-3 De geheimzinnige brief (kinderboek; uitg. Standaard uitgeverij)
- Freddi Fish-4 De zeedraak (kinderboek; uitg. Standaard uitgeverij)


 

Zak

ZAK (pseudoniem voor Jacques Moeraert, Gent 1948) is een Belgisch cartoonist.

Moeraert was in eerste instantie boekhouder maar besloot hier op vijfentwintigjarige leeftijd mee te stoppen en cartoons te gaan tekenen. ZAK publiceerde voor het eerst in het weekblad De Zwijger, samen met zijn vriend Quirit. Later verscheen zijn werk ook in De Morgen, De Volkskrant, De Limburger, De Groene Amsterdammer, Le Soir en het Londense cartoonblad Punch. Tevens brengt hij ieder jaar een ZAK-agenda uit.

ZAK was in 2001 de eerste Belg die de Nederlandse Inktspotprijs won.

Bibliografie:


• 2001: Pech Onderweg
• 2003: Het mobiele leven
• 2005: Burengerucht
• jaarlijks: de ZAK-agenda



Algemene bronnen:
- www.strippagina.nl
- Patrick De Zutter (en bedankt voor de vele tips en opzoekingen!)
    zie ook www.strips.be



Legal Disclaimer. Copyright De Poort 2008.

Site door On Course