De Poort
eXplore, het VIP platform bevat info over 44215 strips, 11957 reeksen, 9141 auteurs en 684 collecties.

Strip-pers en niet Strippers.

Nieuwtjes over wat er allemaal gebeurt in de stripwereld en dat verschenen is in de pers kunt u hier terugvinden.
Onze sympathieke medewerkers lezen alle kranten van België en andere op zoek naar stripnieuws.
Je kan ook nog steeds in ons archief kijken om oudere nieuws te bekijken.


Voeg de laatste 10 nieuwsberichten als RSS feed toe bij één van je favoriete RSS-lezer:

RSS Google netvibes
Del.icio.us Windows Live My Yahoo


Hier zijn de hoofdtitels.


Karl Marx gaat aan het strippen
-  De Standaard, 20/08/2010  -


Uitgeverij Epo brengt de komende tien jaar minstens veertig stripversies van klassieke romans op de markt.

De graphic novel is overal. Hij floreert internationaal, voegt een extra laag toe aan het boekenaanbod en trekt een nieuw publiek aan. Geen enkele uitgeverij die er nog aan twijfelt zo'n pakket in zijn fonds op te nemen.

De uitgeverij Epo, met haar sterk maatschappelijke profiel, was wel de laatste die we met graphic novels zouden associëren. Maar net Epo komt nu met een ambitieus plan aanzetten. De uitgeverij kondigt een lijst van minstens veertig ‘verstripte' klassiekers aan, gespreid over tien jaar. Op het menu staan zwaargewichten als Leo Tolstoj, Franz Kafka, Dante Alighieri en James Joyce.

Het plan is om elk voor- en najaar telkens twee titels uit te brengen. De eerste worp, dit najaar, laat al zien waar het op staat. Dan komen Oorlog en vrede (Leo Tolstoj) en Het kapitaal (Karl Marx) uit. Het idee is om zowel literatuur als non-fictie uit te geven.

Het gaat niet om een volledig nieuwe productie. Epo sloot een overeenkomst met de Japanse uitgeverij East Press, dat een uitgebreide reeks klassiekers heeft. Uitgever Jos Hennes: ‘De tekeningen behouden we, de tekst wordt vertaald. Het gaat om traditionele tekeningen, met personages met westerse gezichten. De typische mangastijl is slechts licht aanwezig. Het mangaformaat hebben we aangepast aan de rest van onze publicaties. De tekeningen worden uitvergroot en de uitgaven krijgen een harde kaft.'

Veel uitgeverijen hebben vandaag al graphic novels in hun aanbod. Uit een marktverkenning leidde Epo af dat er nog ruimte was. Hennes: ‘De meeste uitgeverijen brengen afzonderlijke titels uit, maar hebben geen reeksen lopen.'

Streeft Epo met deze uitbreiding een herprofilering na? Het brengt geen literatuur en geen strips. Hennes: ‘We zijn altijd op zoek om vanuit ons profiel een breder publiek te bereiken. Soms gebeurt dat via een omweg. Via boeken over blues of fado kun je de gemoedsgesteltenis van de werkende mens tot uitdrukking brengen. Onze publicaties over geestelijke gezondheid zijn wetenschappelijk, maar voor iedereen verstaanbaar.'

In de jaren negentig deed Epo een poging een literair fonds op te richten. Hennes: ‘Dat is toen niet gelukt. Maar we zijn de literatuur in ons hart blijven dragen. Wie de grote klassiekers niet helemaal doorworstelt in originele vorm, krijgt via de stripversie toch enkele thema's mee.'

Oorlog en vrede Het kapitaal

Blijft wel de intrigerende vraag hoe een theoretisch traktaat als Het kapitaal van Karl Marx zich laat bewerken tot een strip. Hennes: ‘De strips nemen de grote principes als uitgangspunt en ontwikkelen daar een verhaal over. Je kunt nu eenmaal niet alles in dialogen ontwikkelen. De bewerkingen blijven bij de hoofdlijnen. Het kapitaal komt uit in twee delen, maar die blijven beide binnen de raming van tweehonderd pagina's.'

Op stapel staan onder andere nog Ulysses (James Joyce), Misdaad en straf (Fjodor Dostojevski), Faust (Johann Wolfgang von Goethe), De goddelijke komedie (Dante Alighieri), Op zoek naar de verloren tijd (Marcel Proust) en Moby Dick (Herman Melville).

Epo onderzoekt nog of het eventueel oosterse, bij ons minder bekende klassiekers in het pakket zal opnemen.

Geert Sels
© N.V. Vlaamse Uitgeversmaatschappij (VUM)

>> www.standaard.be


Naar boven



De whereabouts van de graphic novel
-  De Standaard, 20/08/2010  -


PersepolisDe graphic novel (of betere strip) is ondertussen goed ingeburgerd, en lang niet alleen bij niche-uitgeverijen.
Uitgeverij Atlas begon er rond de millenniumwende mee. Gangmakers in dat nieuwe segment waren Marjane Satrapi (Persepolis), Art Spiegelman (over New York), Jason Lutes (over Berlijn). Stéphane Heuet bewerkte de Proustcyclus en Marc Legendre raakte twee jaar geleden op de longlist van de Librisprijs.

Recente uitgaven zijn Reynaert de vos (Marc Legendre), Het proces (Chantal Montellier en David Zane Mairowitz). In Fagin de jood focuste Will Eisner op het gelijknamige personage uit Oliver Twist.

De Bezige Bij sloot een innige vriendschap met Oog & Blik om graphic novels aan te bieden. Dick Matena bracht een stripversie van Reves De avonden en deed hetzelfde met Kort Amerikaans van Jan Wolkers. Zitten er nu aan te komen: Scott Pilgrim, een Amerikaanse strip die verfilmd is (dit najaar in de bioscoop). Verder werk van Charles Burns, Joann Sfar en Andy Riley (van de Zelfmoordkonijntjes).

Uitgeverij Vrijdag bestaat nog maar twee jaar, maar heeft de weg al gevonden. Ze werkt daarvoor samen met De Harmonie. Voor nieuwe strippublicaties van Peter van Straaten en Arnon Grunberg (zijn reisreportages) trekt Harmonie de kar, voor het debuut van Steve Michiels neemt Vrijdag het initiatief.

Nu ook op iPhone! De initiatiefnemer van deze eerste stripapplicatie werkt met het collectief Comic House. Op het platform Pilabo.com zijn gratis de eerste afleveringen van tien Nederlandse strips te verhapstukken. Wie meer wil, betaalt bij.

Geert Sels
© N.V. Vlaamse Uitgeversmaatschappij (VUM)

>> www.standaard.be


Naar boven



Asterix maakt reclame voor McDonald's
-  De Standaard, 20/08/2010  -


In Frankrijk zorgt een reclamecampagne voor de Amerikaanse fastfoodketen McDonald's voor enige opschudding. Spilfiguur is de stripheld Asterix, symbool van de Gallische onafhankelijkheid en de strijd tegen vreemde overheersing. Op reclameaffiches zijn Asterix en co. te zien in een McDo-vestiging waar zij zich aan een copieuze maaltijd te goed doen. Op internetblogs regende het intussen al kritiek.

Les Editions Albert René, de uitgever van de Asterix-strips, wil vooral geen polemiek. Volgens de uitgeverij doet de campagne geen afbreuk aan de waarden van de (strip)personages. Dat Gallische schranspartijen niet te rijmen vallen met cheeseburgers en coke, is allicht alleen een idée fixe.

© N.V. Vlaamse Uitgeversmaatschappij (VUM)

>> www.standaard.be


Naar boven



Vlaamse striphelden Dag en Heidi beleven na vierentwintig jaar gloednieuw avontuur
-  Persbericht Eventure Media  -


Na vierentwintig jaar gaan de Vlaamse striphelden Dag en Heidi weer op avontuur! Op vraag van zijn fans besloot Jeff Broeckx om samen met zijn echtgenote de reeks nieuw leven in te blazen. De Belgische Uitgeverij Saga lanceert tijdens het Brabants Stripspektakel op 28 en 29 augustus in Valkenswaard het nieuwe stripverhaal: Wika.

In de jaren zestig bedacht Broeckx - samen met zijn moeder - voor Studio Vandersteen de stripfiguren Dag en Heidi. De avonturen van deze broer en zus waren wekelijks te volgen in het weekblad Ohee. In de jaren tachtig verschenen er bij Standaard Uitgeverij zestien stripalbums van Dag en Heidi. Het werd een van de succesvolste stripreeksen van Studio Vandersteen.

Twee jaar geleden bracht Uitgeverij Saga een Dag en Heidi verhaal op de markt, dat ooit was verschenen in Ohee, maar nog niet als stripalbum. Dat smaakte zowel bij de fans als auteur Jeff Broeckx naar meer, en het is dan ook diezelfde uitgeverij die een eerste verhaal van wellicht een nieuwe reeks Dag en Heidi avonturen mag uitgeven.

De nieuwe, jonge lezers kunnen nu met de avonturen van Dag en Heidi het stripleesplezier van hun ouders leren kennen!

Wika’ is vanaf 28 augustus voor € 7,99 te verkrijgen in stripspeciaalzaken in België en Nederland. Van hetzelfde verhaal verschijnt er ook een versie met gekartonneerde stofomslag en bijgevoegde prent, in een oplage van 300 exemplaren, te koop voor € 19,99.
 



Naar boven



Jojo is wees
-  Persbericht Ballon Media N.V.  -


Op dinsdag 27 juli 2010 is stripauteur André Geerts plots overleden. Uitgeverij Dupuis en haar verdeler Ballon Media zijn diep geraakt door dit overlijden en leven mee met Geerts’ familie. Jojo, het alleraardigste ventje met de groene pet, werd vandaag wees.

André GeertsAndré Geerts – geboren op 18 december 1955 in Brussel – had banketbakker, apotheker, tekstschrijver, tennisprof of winnaar van de Ronde van Frankrijk kunnen worden, maar koos – gelukkig voor ons allen – voor een carrière in de stripwereld.

Na een opleiding aan Sint-Lukas, zoals heel wat andere plaatselijke kunstenaars, ziet André Geerts zijn eerste plaat in 1974 verschijnen in LE SOIR-JEUNESSE. Hij overweegt een loopbaan als politiek cartoonist en het blad ROBBEDOES opent bijna meteen zijn deuren voor hem. Als vingeroefening mag hij hier en daar bepaalde rubrieken van het blad illustreren, zoals La Petite chronique vénusienne naar een scenario van Jean-Marie Brouyère. Maar hij maakt er ook complete verhalen en cartoons. Die laatste worden twintig jaar later gebundeld in het tweeluik ‘Ondankbare wereld’ in de collectie Vrolijke Vlucht.

In 1983 creëert Geerts, eveneens voor Dupuis, de reeks ‘Jojo’: een charmant inkijkje in de wereld van het kind. De reeks zal hem beroemd maken. De frisse tranches de vie van dit vertederende jochie veroveren alle leeftijden. Met Salma begint André Geerts in 1993 bij Casterman de reeks "Mademoiselle Louise", een arm rijk meisje. Haar lotgevallen ontspruiten aan dezelfde liefdevolle bron als die van zijn verrukkelijke Jojo.

Geerts had zowel zwart-wit als kleuren perfect in de vingers en ontwikkelde een eigen stijl waarin emotie en ironie, vriendschap en simpele genoegens harmonieus samengaan. Zelden had een auteur zoveel gemeen met zijn hebben geleken op zijn tekeningen: hartelijk, gevoelig, verlegen en bescheiden. Ondanks die bescheiden inborst sleept hij talloze onderscheidingen in de wacht:

  • 1994: Prix oecuménique de la BD (prijs voor de beste oecumenische strip) in Angoulême voor het eerste deel van ‘Mademoiselle Louise’
  • 1997: Grand Prix van de stad Durbuy voor ‘Ondankbare wereld’
  • 1998: Crayon d’or/Gouden Potlood van de stad Brussel
  • 2003: Grote Prijs van de stad Brussel tijdens het stripfestival van Ganshoren
  • 2007: Prix des lecteurs jeunesse (prijs van de jonge lezers) tijdens het festival van Vaison-La-Romaine voor deel 17 van ‘Jojo’

© 2010 Ballon Media n.v.




Naar boven



Nieuw Suske en Wiske-magazine omwille van naderend jubileum
-  De Morgen, 16/07/2010  -


Vanaf deze week ligt in de winkelrekken een heus Suske en Wiske-magazine. Aanleiding is de aankomende 65-jarige verjaardag van Willy Vandersteens papieren belhamels.

Suske en Wiske-magazineIn geen geval is het blad een vervolg op het Suske en Wiske-weekblad dat in de jaren negentig furore maakte. In het oorspronkelijke tijdschrift speelden Suske en Wiske weliswaar de hoofdrol, maar beide stripfiguren werden destijds geflankeerd door een rist andere bekende striphelden uit de Standaard Uitgeverijstal. In een ruk bood het ook een waaier van nieuwe auteurs en/of reeksen die op die manier voor en door het lezerspubliek werden uitgetest.

Het weekblad startte in 1993 om tien jaar later te verdwijnen. Tegenvallende verkoopcijfers lagen aan de basis daarvan en toen het blad ook niet langer in een Nederlandse leesportefeuille mocht blijven, werd de stekker er definitief uit gehaald. Standaard Uitgeverij maakt duidelijk dat het deze week verschijnende magazine slechts een verre neef is van het weekblad. “Enkel Suske en Wiske komen erin voor”, zegt Britt Vervliet, marketingverantwoordelijke bij Standaard Uitgeverij. “Andere populaire striphelden zijn er niet te zien.” Voorlopig gaat het om een enkel nummer, maar de uitgeverij sluit niet uit dat het een vervolg krijgt. “Als het een succes wordt gaan we er als magazine mogelijk mee verder”, aldus Vervliet. “Maar vooralsnog is het gewoon een originele manier om de 65ste verjaardag van Suske en Wiske te vieren. Het is dus niet meteen ons hoofddoel om er een maandelijks blad van te maken.”

Opvallend is dat niet Standaard Uitgeverij maar het Nederlandse Z-press verantwoordelijke uitgever is van het magazine. “Dat komt omdat wij geen ervaring hebben met het maken van tijdschriften”, verduidelijkt Vervliet. “Kijk, wij hebben in het verleden talloze specials gemaakt - denk aan de vakantieboeken - maar wilden nu een originelere invalshoek. Wij maken boeken en strips, geen tijdschriften, dus was het logisch een externe bladenmaker aan te trekken.” Dat uitgerekend voor een Nederlands bedrijf werd gekozen, is volgens Vervliet de logica zelve. “De oplage voor Vlaanderen bedraagt 25.000, die voor Nederland het dubbele. Dat is één reden. Een bijkomende reden is dat die bladenmaker de Nederlandse markt kent. Dat is een groot voordeel.”

Het magazine telt 51 pagina’s en heeft als thema het klimaat. Naast (knutsel)tips, weetjes en een interview met de Friese weerman Piet Paulusma bevat het een speciaal voor dit blad gemaakt Suske en Wiske-kortverhaal, De Meteomachine. Het magazine ligt vanaf deze week bij de dagbladhandelaar en kost 3,50 euro.

Suske en Wiske worden officieel 65 jaar op 19 december 2010.

Geert De Weyer
© 2010 Uitgeverij De Morgen n.v.

>> www.demorgen.be


Naar boven



Expo over zestigjarige Snoopy in Nederlands Stripmuseum
-  De Morgen, 15/07/2010  -


SnoopyEen nogal zwaarmoedig, hoogst menselijk hondje dat zich voortdurend in zijn fantasiewereld terugtrekt, dat is Snoopy. Hij is ontsproten aan het brein van de Amerikaanse tekenaar Charles M. Schulz, en is veruit de meest bekende figuur uit de beroemde strip-serie Peanuts. Dezer dagen wordt wereldwijd de zestigste verjaardag gevierd van die serie. Ter gelegenheid daarvan opende gisteren in het Nederlandse stripmuseum in Groningen een grootscheepse tentoonstelling over de schrandere, witte beagle met de zwarte oren en staart. Behalve Snoopy speelt ook zijn gevleugelde maatje Woodstock en de honkballende Charlie Brown, de eigenlijke hoofdpersoon van Peanuts, een grote rol in de expo. In stripvorm, schetsen, reclame-uitingen en merchandising wordt het parcours van de viervoeter in kaart gebracht. De jubileumtentoonstelling is tot stand gekomen met hulp van Peanuts’ agent in Nederland, Wavery Productions.

De strip Peanuts verscheen voor het eerst op 2 oktober 1950 in zeven Amerikaanse kranten en werd meteen razend populair. Schulz begon oorspronkelijk met een kleine cast waar alleen Charlie Brown en zijn hond deel van uitmaakten. Later deden ook andere personages hun intrede, zoals de pianospelende Schroeder, de dominante Lucy van Pelt en haar kleine broertje Linus van Pelt.

Underdog
Op zijn hoogtepunt stond de strip in 2.600 kranten en er kwam ook een animatieserie op de televisie. Toch was het Snoopy - die in wezen een nevenpersonage was - die zich het sterkst in het collectieve geheugen van kinderen én volwassenen nestelde. De Nederlandse stripsocioloog Ger Tillekens verklaart het succes van Peanuts door het feit dat de strip “aanvankelijk inging tegen de officiële Amerikaanse opvoedingsmoraal van succes en discipline. Schulz stond aan de kant van de underdogs en liet in zijn tekeningen de angsten en twijfels zien van de kinderen van Charlie Brown”, zo zegt hij in een NOS-interview. “Snoopy is in feite een eigen leven gaan leiden. Hij heeft Peanuts overgenomen.” Peanuts kan worden beschouwd als een voorloper van South Park. Tekenaar Schulz stierf op 12 februari 2000. In zijn testament bepaalde hij dat niemand de strip mocht voortzetten na zijn overlijden.

© 2010 Uitgeverij De Morgen n.v.

>> www.demorgen.be


Naar boven



‘Pulp Magazine’ is eerste Belgische medium op iPad
-  De Morgen, 15/07/2010  -


Pulp Magazine wordt het eerste Belgische tijdschrift met een eigen applicatie voor de iPad. De applicatie, die gratis te downloaden zal zijn, heeft wel nog geen video of interactieve toepassingen. ‘We willen in een eerste fase vooral kijken wat er werkt’, zegt Bart De Waele van het webdesignbureau Netlash.

De iPad is nog niet te koop in België, maar wordt nog deze maand verwacht. Toch zouden er nu al naar schatting 15.000 stuks van het Appletoestel geïmporteerd zijn vanuit landen waar het wel al in de winkel ligt. De iPad mag in België dan nog steeds niet te koop zijn, mediabedrijven en webontwikkelaars hebben niet op de officiële lancering van de iPad gewacht om met een eigen applicatie uit te pakken. Bij Roularta werkt men aan een applicatie voor onder andere Knack en Trends, terwijl Corelio deze maand nog De Standaard-applicatie wil uitbrengen. Maar de eer om als eerste Belgische medium een eigen iPad-applicatie te hebben, is weggelegd voor het kleine Pulp Magazine, een tijdschrift dat vooral aandacht heeft voor mode, design, gadgets en trends. De applicatie werd maandag voor goedkeuring naar Apple opgestuurd. Van zodra het Amerikaanse bedrijf er zijn zegen over heeft gegeven - de verwachting is dat dat eerstdaags zal gebeuren - is de iPad-versie van Pulp Magazine gratis te downloaden via de App Store van Apple.

De Pulp-app is net als de gedrukte versie van het magazine heel visueel: veel foto’s en quotes en relatief weinig lange teksten. “Dit zijn snacks”, zegt Bart De Waele, de eigenaar van Netlash, het Gentse bureau dat de applicatie ontwikkelde. “Pulp Magazine is geen tijdschrift waar je eens een uur in gaat lezen. Je bladert erin, en je bekijkt de quotes.” De vraag is echter of er nu al een Belgisch publiek is voor zo’n app. Ja, zegt De Waele overtuigd. “De schatting is dat er nu al 15.000 iPads in België zijn. Zelfs mensen die ik er absoluut niet van verdenk een nerd te zijn, zijn naar Rijsel gereden om een iPad te kopen. Het publiek van een hipster tijdschrift als Pulp Magazine zijn de early adopters: mensen die er altijd als de kippen bij zijn om nieuwe producten en technologieën te kopen. Bovendien kan deze applicatie ook interessant zijn voor mensen die niet tot de doelgroep behoren, gewoon omdat er nog geen Vlaamse content is. Dan kunnen ze dit downloaden, lezen en tonen aan andere mensen.”

Volgens Bart De Waele is de iPad-versie van Pulp Magazine vooral ook een experiment. “De bedoeling is om het te testen. Daarom is het ook gratis en staan er geen advertenties in. Als de applicatie veel gedownload wordt, komt er een tweede editie en kunnen we ook naar de adverteerders stappen met resultaten.” In die tweede app wil De Waele dan ook interactieve toepassingen en videofragmenten stoppen, iets wat nu nog ontbreekt. Of waar je nu een mixtape ziet, een lijstje van enkele nummers, wil hij in de volgende editie een lijst waarbij je ook fragmenten van die nummers kan horen. “We weten wel dat we bij de ontwikkeling van zulke applicaties leergeld zullen betalen, maar we willen met Netlash een voorloper zijn. Op die manier zullen we snel leren wat er werkt en niet werkt.”

Meerwaarde
Experiment of niet, media kunnen het zich niet permitteren om de iPad en andere tabletcomputers links te laten liggen, meent De Waele, omdat het ook een geschikt toestel is voor mensen die een hekel hebben aan een computer of een laptop. “Je doet er echt iets mee. Je hebt onmiddellijk respons.” Al moeten de media er dan wel voor zorgen dat ze met hun apps een meerwaarde bieden. “Het mag niet zijn zoals bij Second Life (de virtuele wereld die enkele jaren geleden even een hype was, JDB), waar bedrijven gewoon op sprongen om te kunnen zeggen dat ze er aanwezig waren. Het ging niet om wat ze er mee deden. Als je een app wilt maken, moet je voor iets extra’s zorgen. Daarom denk ik dat het vooral voor tijdschriften geschikt is, want daar draait het toch vooral om de ervaring van het lezen. Met de iPad kun je dat verder verrijken met dingen die op papier niet mogelijk zijn, zoals bijvoorbeeld interactiviteit. Voor kranten is het daarom minder geschikt: die gaan over nieuws van nu en dat consumeer je nu.”

Blijft nog het probleem van de betaling. Op internet zoeken kranten en tijdschriften nog steeds naar goede manieren om consumenten te laten betalen voor hun artikels. Sommige kranten proberen het nu met betaalmuren, maar het blijft afwachten of dat werkt. De iPad kan volgens De Waele ook hier een oplossing bieden. “Je hebt hier een omgeving waarin veel makkelijker betaald wordt voor content. Met het betaalsysteem van Apple is de drempel zeer laag. Alle gegevens zitten erin, waardoor je niet telkens opnieuw je Visanummer moet ingeven. Als je iets wilt kopen, moet je gewoon op een toets duwen en het staat op je iPad.”

Jan Debackere
© 2010 Uitgeverij De Morgen n.v.

>> www.demorgen.be


Naar boven



‘Cowboy Henk balt het hele Belgische cultuurerfgoed samen’
-  De Morgen, 21/06/2010  -


In het Centrum Staf Versluys in Bredene loopt sinds vrijdag de tentoonstelling Cowboy Henk aan zee. Aanleiding is de dertigste verjaardag van de creatie van Kamagurka (scenarist) en Herr Seele (tekenaar).

“Puur objectief? Cowboy Henk is de beste stripheld ter wereld.” Aan het commentaar van geestelijke covader Herr Seele hadden we niet veel, dus vroegen we het maar aan drie bekende stripauteurs. Wat is de kracht van kersverse dertiger Cowboy Henk? En wie is die vreemde meneer met karakteristieke kuif en kin eigenlijk?

Fritz Van den Heuvel: Bijna kunst
Cowboy Henk“Ik was vijftien jaar toen de eerste Cowboy Henk verscheen in Vooruit, de voorloper van De Morgen. Het was de ideale leeftijd om fan te worden. Hoe Kamagurka, met zijn scenario’s, en Herr Seele, met zijn tekeningen, hun voeten veegden aan alle regels van de strip en hoe ze de taboes doorbraken die toen nog welig tierden in Vlaanderen: ik vond dat fantastisch. Eén prentje staat in mijn geheugen gebeiteld: Cowboy Henk die een Indiaan probeert af te leiden met een Mondriaanschilderij. Dat is... bijna kunst. Cowboy Henk was in die tijd ook nog een echte cowboy en de strip bestond uit drie prentjes. Ze zouden moeten terugkeren naar die kernachtige vorm. Kama’s grappen kwamen beter tot hun recht. Tekentechnisch heb ik Cowboy Henk nooit zo fantastisch gevonden. Aan de andere kant: mocht Herr Seele beter kunnen tekenen, had de strip wellicht nooit zo goed gewerkt. De onhandigheid die erin zit, draagt bij tot het ontregelende. Cowboy Henk is ook geen personage. Hij is een concept, een vehikel voor absurde situaties.”

Conz: Een vreemd soort niemand
Cowboy Henk is op een heel vreemde manier heel grappig. De strip is heel serieus getekend. Er zit heel veel ambacht in. Tegelijk is Herr Seeles tekenstijl niet perfect - bewust of onbewust. En het is net de combinatie daarvan met de absurde humor van Kamagurka die het hem doet. Het is een formule, hoe vies dat woord ook klinkt, en na dertig jaar werkt die nog steeds. Je kan er moeilijk de vinger op leggen wie Cowboy Henk is. Hij is altijd iemand anders. Hij is een wit blad dat telkens op een andere manier wordt ingevuld. Eigenlijk is hij een vreemd soort niemand. En tegelijk is hij met zijn typische kin en kuif een icoon. Het maakt hem zoveel sterker dan Kuifje. Die is gewoon saai. Cowboy Henk is tegelijk wit blad en icoon. Of Kama en Herr Seele me geïnspireerd hebben? Ja, maar op een indirecte manier. In mijn werk zal je niks van Cowboy Henk herkennen. Maar het feit dat ze altijd en overal gewoon hun eigen ding doen, zonder zich ook maar iets aan te trekken van wat anderen daarvan vinden: dat is wel inspirerend.”

Kim: Kakken in de douche
“Ik was twaalf of dertien toen ik samen met mijn neef Dirk Swartenbroeckx (dj Buscemi, ST) voor het eerst een Cowboy Henkalbum kocht. We werden omvergeblazen door het absurdisme. Herr Seeles tekenstijl heeft me ook meer beïnvloed dan ik zelf soms besef. Hij tekent Cowboy Henk helder, recht voor de raap. Daardoor begin je de strip te lezen nog voor je er erg in hebt. Je lokt de lezer als het ware in de val met je tekenstijl en serveert hem dan de meest experimentele humor. Dat probeer ik ook te doen met mijn stripheldin Esther Verkest. Ik vind het alvast de grootste kracht van Herr Seele. “Knap ook hoe hij in de strip het hele Belgische cultuurerfgoed samenbalt. Je herkent er De Lustige Kapoentjes in van Marc Sleen, maar tegelijk zit ook de hele Belgische surrealistische traditie erin. Het personage zelf is in wezen geen personage. Het is een kapstok om allerlei grappen aan op te hangen. Hij heeft geen karakter, hij doet gewoon absurde dingen. Kakken in de douche, zonder enige aanleiding mensen vermoorden... Cowboy Henk kan alles worden. Vrijdag ging ik kijken naar de Cowboy Henk-tentoonstelling. Het trof me hoeveel plezier er eigenlijk in die strip zit. Ik kreeg meteen zin om daar ter plekke ook te beginnen tekenen.”

“Cowboy Henk aan zee: dertig jaar Cowboy Henk" is meer dan een overzicht van drie decennia Cowboy Henk. De expo biedt ook een blik in het hoofd van Kamagurka en Herr Seele. Zo worden er dia’s uit de jeugd van Kama getoond en schilderijen van Herr Seele én zijn moeder. Daarnaast vind je er heel wat originelen in zwart-wit, een heuse eroticakamer en een levensgroot paard met uitvergrote drol. De tentoonstelling loopt tot en met zondag 19 september.

> Alle info: www.stafversluys-centrum.be

Sarah Theerlynck
© 2010 Uitgeverij De Morgen n.v.

>> www.demorgen.be


Naar boven



Daniel Clowes: "Ik beledig anderen alleen in mijn werk"
-  Focus Knack, 05/05/2010  -


Daniel Clowes verdween de afgelopen jaren even van de radar, maar met zijn nieuwe strip Wilson maakt de Amerikaanse virtuoos van de ongemakkelijke humor een sterke rentree. Al moet hij wel dringend wat aan die midlifecrisis doen: 'Mijn leven wordt pijlsnel irrelevant.'

Daniel ClowesDe jaren 2000 leken crescendo te gaan voor Daniel Clowes (49). Zijn Ghost World werd in 2001 verfilmd én hij kreeg er een Oscarnominatie voor. Ook zijn daaropvolgende strips Ice Haven en The Death Ray konden op prima kritieken rekenen. En dan kwam er nog een verfilming: voor Art School Confidential (2006) trad hij zelfs niet alleen op als schrijver, maar ook als producent.

Toch werd 2006 zijn annus horribilis. Art School Confidential werd door critici lauw ontvangen, flopte aan de kassa en haalde bij ons niet eens de bioscoop. Tegelijk lag ook Clowes' privéleven overhoop door een erg vroege openhartoperatie. Plus: de laatste jaren zat zijn stripwerk in een impasse. Gewoonlijk publiceerde Clowes zijn strips als feuilleton in zijn eigen reeks Eightball, maar de Amerikaanse markt voor zulke dunne feuilletonstrips stortte compleet in.

Het duurde een hele tijd voordat Clowes zichzelf kon overtuigen om dan maar een heel boek ineens te maken. Zittend bij het sterfbed van zijn vader, aan wie het boek is opgedragen, begon Clowes twee jaar geleden aan Wilson, zijn eerste nieuwe strip in zes jaar tijd. De steeds lijzige Clowes klinkt bijna enthousiast: 'Voor het eerst publiceer ik een boek dat nog niemand gelezen heeft. Voordien had iedereen het al in stukjes in Eightball ontdekt. Nu voel ik me opeens een echte auteur.'


WilsonWilson is genoemd naar het titelpersonage, een eenzame veertiger die de schade die zijn leven heeft opgelopen, probeert te herstellen. Zijn manier van doen maakt de zaken echter alleen maar erger. Hij klampt naïef vreemden aan, maar zijn opdringerigheid wekt vijandige of onverschillige reacties op. Clowes heeft altijd veel van zijn eigen leven en karakter in zijn strips gestopt — zelfs de vuilbekkende tienermeisjes uit Ghost World zijn naar eigen zeggen op zichzelf en zijn familieleden geïnspireerd. In Wilson lijkt de auteur nog meer van zichzelf te hebben gelegd: de man is ongeveer even oud als hij en komt ook bij het sterfbed van zijn vader te zitten. Daarnaast zijn ouder-kindrelaties en nostalgie naar jongere jaren in het soms hilarisch ongemakkelijke verhaal verweven.

Ghost WorldDaniel Clowes: Wilson staat zowel dichter bij me als verder van me af dan mijn andere personages. Ook de grote verschillen zeggen echter iets over mezelf. De radicaal andere karaktertrekken die Wilson tentoonspreidt — zoals zijn vervelende gewoonte om met wildvreemden een gesprek aan te knopen op café of op straat — zijn een reactie op eigenschappen van mezelf waarvan ik me erg bewust ben. Ik ben zeker niet zo extravert als Wilson. Hij zegt ongezouten zijn mening tegen iedereen die hij toevallig ontmoet, zonder bang te zijn voor hun reactie. Zelf ben ik altijd bang om mensen te beledigen — ik doe dat alleen in mijn werk. (Lacht) Er zijn ook kantjes van hem die ik bewonder. Ik apprecieer het wel dat hij contacten probeert te leggen met andere mensen, ook al doet hij dat op de slechtst mogelijke manier. Gewoon aan een tafeltje gaan zitten en dan met iemand beginnen te babbelen is vreselijk voor de persoon die aangesproken wordt. Ik kan het weten, want ik ben geregeld het slachtoffer van de Wilsons in deze wereld. Dus als Wilson al op me lijkt, is hij zeker niet de best mogelijke versie van mij. (Lacht)

Uit 'Wilson' komt heel sterk het gevoel naar voren dat echte communicatie in deze moderne wereld niet voor de hand ligt. Clowes: Dat is juist. Wilson is voor mij een perfect vehikel om de bevindingen van mijn antropologische onderzoek bij de moderne mens te ventileren. (Lacht) Ik heb de middelbare leeftijd bereikt — dat kun je toch zeggen van iemand die achteraan in de veertig is. Via Wilson kan ik ervaringen kwijt die ik vroeger niet voor mogelijk had gehouden. Bijvoorbeeld dat ik het steeds moeilijker vind om aansluiting te vinden bij de moderne samenleving en mijn medemens. Ik ervaar het alsof mijn leven pijlsnel irrelevant wordt. Het is een heel verwarrend gevoel. Je probeert wanhopig om de aansluiting niet te verliezen, maar dat maakt het alleen maar erger.

Twentieth Century Eightball-19Bij jouw strips denk ik spontaan aan ironische verhalen met veel kritische afstand. 'Wilson' lijkt dat minder te hebben.
Clowes:
Humor is bij mij altijd een beetje wrang, op het randje van ondraaglijk. Ik wil graag dat er iets te lachen valt in mijn werk, maar de lezers moeten zich uiteindelijk ook een beetje ongemakkelijk voelen. Ik heb Wilson als een boek met veel humor opgevat, maar de lezers mogen na afloop niet het gevoel hebben dat ze iets komisch hebben gelezen.

Humor is in 'Wilson' bijna een structureel element, omdat elke pagina met een pointe of wrange wending eindigt.
Clowes:
Ik houd ervan om strips te maken in afleveringen die je op zichzelf kunt lezen. Ik zou het fijn vinden dat iemand het boek oppikt, het ergens in het midden openslaat en het toch grappig vindt. Alsof je een Peanuts-boek in handen hebt. In het begin hebben de lezers zelfs niet door dat ze een langer verhaal aan het lezen zijn. Wilson zou perfect geweest zijn als wekelijkse strip in een tijdschrift, maar ik heb er pas achteraf aan gedacht. Bovendien is er in de hele VS geen tijdschrift te vinden dat het juiste lezerspubliek heeft en er brood in zou zien.

Heeft je strip 'Mister Wonderful' onlangs niet in 'The New York Times Magazine' gestaan?
Clowes:
Ja, dat was de enige kans op een wekelijkse strip die ik in mijn leven zal krijgen, vermoed ik. Ondertussen is die striprubriek met om de twintig weken een andere auteur afgeschaft. Na mij volgden nog twee andere auteurs, maar toen begon het in de krantenwereld zo slecht te gaan dat ze de kraan hebben dichtgedraaid.

Ice HeavenIn 'Wilson' en in 'Mister Wonderful' klagen de hoofdpersonages heel uitdrukkelijk over verdwijnende kranten en boekhandels.
Clowes:
Daar kan ik me echt over opwinden. Altijd als ik een artikel zie over een krant die ophoudt te bestaan of een boekhandel die moet sluiten, probeer ik het te negeren. Het voelt voor mij aan als de ijsbeer die uitsterft. Ik heb mijn hele leven gericht op boeken maken. Die moesten vervolgens in tweedehandsboekhandels kunnen terechtkomen, zodat iemand ze daar kon vinden, ezelsoren incluis. Op die manier heb ik zelf bijna alle boeken gevonden die me geïnspireerd hebben. Dat hele carrièreplaatje wordt nu vliegensvlug geschiedenis. Als ik het geweten had, had ik een ander beroep gekozen. (Lacht) Maar waarschijnlijk blijven boeken nog wel bestaan zolang ik op deze aardkloot rondloop.

Waarschijnlijk nog wel wat langer. Of gaat het aan de andere kant van de Atlantische Oceaan zoveel sneller?
Clowes:
Ik ben gewoon extra gevoelig voor aankomende rampen. Toen ik tien jaar geleden in David Boring het einde van de wereld voorspelde, wilde ook niemand me geloven. Ik vind nog altijd dat ik toch een beetje gelijk had: 9/11 kwam amper een jaar nadien. (Grinnikt)

In Vlaanderen had ook een auteur dat voorspeld: Marvano tekende een terroristische bomaanslag op wolkenkrabbers in Manhattan twee jaar tevoren.
Clowes:
Iemand heeft me dat verteld toen ik de laatste keer in Europa was. Ik was vooral verbaasd dat die tekenaar ondertussen niet in Guantánamo beland is. (Lacht)

Het lijkt alsof je in 'Wilson' moedwillig je manoeuvreerruimte beperkt hebt. Een verhaaltje mét pointe per pagina, verschillende tekenstijlen...
Clowes:
Ik had vooraf alleen bepaald dat ik per pagina één verhaaltje zou vertellen. In het begin wilde ik het boek helemaal in één stijl tekenen en ik had al van alles uitgeprobeerd om de ideale stijl voor het hoofdpersonage te kiezen. Toen ik het resultaat van die probeersels bekeek, besefte ik dat ik al die stijlen in het boek moest krijgen. Dat kon door elke pagina in een andere stijl te tekenen. Elke stijl kon zo één aspect van Wilsons persoonlijkheid ondersteunen. Mensen voelen zich niet elke dag hetzelfde, dus het leek me interessant om dat in de tekenstijl te laten voelen.

Er is een duidelijk verband tussen vorm en inhoud: de pagina's met een rondere, 'Peanuts'-achtige stijl zijn vaak grappiger dan de pagina's met realistischer portretten.
Clowes:
Dat vond ik heel leuk om te doen. Bij grappige en lichte strips tekende ik cirkels voor de ogen; in directere of hardere pagina's tekende ik zelfs de oogleden heel gedetailleerd. Geen twee pagina's in het boek zijn in helemaal dezelfde stijl getekend. Als de pagina's die naast elkaar zouden worden afgedrukt te veel dezelfde stijl hadden, heb ik ze aangepast om ze vloeiend op elkaar te laten volgen. Meer werk dan gewoonlijk dus, maar ook leuker.

David Boringinds de film van 'Ghost World' waag je je in je strips vaak aan dingen die je niet gemakkelijk in een film zou kunnen omzetten. In 'Wilson' houd je bijvoorbeeld ook alle actie uit de strip.
Clowes:
Je zou er een film van kunnen maken als je het scherm tussen elke scène even zwart zou laten worden. Maar: niemand zou je ooit het geld geven om zoiets te filmen. (Lacht) Om de een of andere reden zou het hoofdpersonage in de film een ondraaglijk vervelend personage worden, terwijl hij in de strip toch nog menselijk overkomt. Wilson benadert meer het theater dan de film. Op toneel gebeurt het vaker dat de grote actie niet getoond wordt, maar wel de dialogen die over de actie gaan.
Voor ik aan Wilson begon, had ik zin om een heel sensationeel, plat horrorverhaal te vertellen, bijvoorbeeld over iemand die gruwelijk wraak neemt op zijn overspelige vriendin. Ik nam me voor om daarbij alleen de oersaaie momenten te tonen. Dat hij zich slecht voelt de dag na de moord, of gewoon dat hij geld naar de bank brengt. De impliciete horror zou de lezer er stukje bij beetje zelf moeten uithalen. Ik vind het nog altijd een leuk idee, maar eigenlijk heb ik het principe dus al voor Wilson gebruikt. Er is zoveel dat je zelf moet invullen. Op een bepaald punt zitten er verschillende jaren plus een vreselijke rechtszaak tussen twee opeenvolgende pagina's.

Wilson en het hoofdpersonage in 'Mister Wonderful' zijn allebei mannen van in de veertig, jouw generatie zeg maar.
Clowes:
Ze zijn slim en hebben een goede opleiding genoten, maar ze hebben nooit echt grote beslissingen genomen over hun werk of andere gewichtige levensvragen. En nu bevinden ze zich in een doodlopend straatje en moeten ze een manier vinden om alsnog iets van hun leven te maken. De meeste mensen die ik sympathiek vind, zitten in zo'n situatie. Dat is frustrerend, want zij zijn bij uitstek de mensen die het verdienen om succes te hebben en geen beslissingen te moeten nemen alleen om de eindjes aan elkaar te knopen.

Je hebt zelf het scenario geschreven voor de twee films naar je strips. Ben je nog steeds met filmscripts bezig?
Clowes:
Er komt een animatiefilm aan waarvan ik het scenario heb geschreven: Megalomania van Michel Gondry. Met het artwork heb ik niets te maken. Ik heb nog wat andere filmprojecten, maar de afgelopen jaren ben ik vooral bezig geweest met boeken, zodat film wat op de achtergrond is geraakt. Voor interessante films wil ik graag scenario's schrijven, maar door de huidige crisistoestand in Hollywood is dat niet evident. Heel Hollywood brokkelt af tot een hoopje ellende. Crisis in de geschreven pers, crisis in de film, kortom: de hele wereld valt uit elkaar. Strips zijn het meest stabiele onderdeel van mijn levensonderhoud. (Droog) Als dat geen reden tot ongerustheid is.

 

Kleine Clowesbibliotheek

LIKE A VELVET GLOVE CAST IN IRON (1993)

 

GHOST WORLD
(1997)

 

CARICATURE (1998) EN TWENTIETH CENTURY EIGHTBALL (2002)

 

DAVID BORING (2000)

 

 ICE HAVEN
(2005)

 

Een erg vreemde droom, vol bedreigende scènes en freudiaanse symbolen, waarin de hoofdpersoon ontdekt dat zijn vrouw een pornoactrice is. Clowes' eerste lange verhaal zadelde hem met een levenslange vergelijking met David Lynch op.

Twee tienermeisjes kankeren op de hele lege consumptiewereld rondom hen, maar groeien intussen ook op en zien hun vriendschap teloorgaan. Met succes verfilmd en het enige boek van Clowes dat vóór Wilson in het Nederlands beschikbaar was.

Kortverhaalcollecties die Clowes' evolutie van de angry young man met de nietsontziende humor tot de bezadigde, subtiele verteller weergeven. In Twentieth Century Eightball is ook het drie pagina's lange verhaal Art School Confidential opgenomen, over zijn tijd op de kunsthogeschool.

Een man mijmert over zijn ideale geliefde en wordt door een rivaal beschoten. Dat deert hem niet: hij loopt de rest van het verhaal met een gat in zijn voorhoofd rond. Het verhaal is doordrongen van een fin-de-sièclegevoel - terroristische aanvallen op Amerika incluis.

Caleidoscopisch portret in 29 korte strips van een stadje waar een jongen gekidnapt wordt. Voor het eerst vertelt Clowes een lang, complex verhaal in een groot aantal schijnbaar afgeronde stripjes.

Gert Meesters
© 2010 Roularta Media

>> www.knack.be/focus


Naar boven







Legal Disclaimer. Copyright De Poort 2010.

Site door On Course